René van der Meer / freelance redacteur

Treffende teksten. Print en online.

Topgitaren zagen uit vergeten moerashout

Gitarist / 2009

Op zo’n vijf kilometer afstand van New Orleans’ befaamde House of Blues staat de werkplaats van New Orleans Guitar Company. Vincent Guidroz, eigenaar en bouwer, maakt hier gitaren van o.a. eeuwenoude bomen die hij persoonlijk uit de nabijgelegen moerassen haalt. Met succes, want steeds meer topmuzikanten weten zijn werkplaats te vinden.

Aan het begin van de winter, wanneer de alligators zich minder laten zien en de muggen zijn verdwenen, stapt Vincent Guidroz (40) in zijn kano. Dit het is moment om door de moerassen van Louisiana te peddelen, op zoek naar cipreshout en essen. Zomaar een paar bomen kappen is verboden. Maar wie goed zoekt, vindt in de modder of tussen de takken met Spaans mos een vergeten cipres of es. De bomen zijn omgevallen of lang geleden door kappers achtergelaten. In zijn werkplaats geeft Vincent met drie man personeel dit vergeten hout een tweede bestaan.

Met het gebruik van essenhout haakt New Orleans Guitars Company (NOGC) in bij een al bestaande traditie van gitaarbouwers. Cipres, daarentegen, zie je zelden tot nooit bij een gitaar. En dat terwijl dit hout uitermate geschikt blijkt voor het bouwen van topgitaren.

Handtekening van cipres
Niet dat Vincent iets tegen van good old mahonie of limba heeft. Integendeel, New Orleans Guitars bestaan voor een groot deel uit deze houtsoorten. Maar Vincent wilde ook iets speciaals en lokaals in zijn instrumenten verwerken. Aangezien hij in zijn vrije tijd regelmatig de moerassen intrekt om te vissen en te jagen, viel het kwartje tijdens één van deze moerastochten. “Ik zag cipressen en vroeg me af of je cipreshout ook voor gitaren kunt gebruiken.” Na wat geëxperimenteer kon hij in 2001 zijn eerste moerasgitaar inpluggen. Zijn nieuwsgierigheid naar nieuw hout werd beloond. “Cipres bleek een enorm rijk geluid te geven. Gelaagd en levendig.” Sindsdien geeft Vincent zijn gitaren, wanneer gewenst, een handtekening van cipres.

“Het bouwen van gitaren is eigenlijk als hobby begonnen”, zegt Vincent terwijl hij in zijn werkplaats de vorm van een nieuwe gitaar op een stuk papier schets. Achterin de met machines gevulde ruimte kraakt de bluesrock van Duane Allman uit een cd-speler. Op de vloer, de machines en zelfs de cd’s naast het pruttelende koffiezetapparaat ligt een laagje zaagsel. “Ik ben van oorsprong beeldhouwer en heb dus oog voor vorm. Vanuit die gedachte besloot ik een keer een gitaar te maken.” En wat als een hobby begon, werd steeds serieuzer.

Vrouwenlichamen
Momenteel levert NOGC twee modellen. De VooDoo Custom met een solid body en de JB14, een vettere versie van de VooDoo met een semi-hollow body. Kenmerkend voor beide modellen is de vorm. De subtiele lijnen van de body geven de gitaren van Vincent een zeer stijlvol karakter. Geen rare hoeken of haken, maar een vorm waaraan geen buiging teveel lijkt te zitten. “Ik denk in lijnen”, ligt Vincent toe. “Een overblijfsel van mijn leven als beeldhouwer.” Niet toevallig hangen er in de werkplaats, naast de bouwtekeningen voor de VooDoo en JB14, ook schetsen van vrouwenlichamen.

Eveneens kenmerkend voor New Orleans Guitars zijn de combinaties van houtsoorten, waaronder dus cipres. Voor de body en nek gebruikt Vincent drie soorten hout. “Honduras mahonie, de zachtste van de drie is zeer geschikt voor een donker geluid, lagere middentonen en een subtiele aanslag.” Voor een meer pittige bas en meer hoge tonen gebruikt NOGC limba/korina. Als laatste optie is er moeras essen, dit is de hardste houtsoort van de drie. “Deze zorgt voor een zeer duidelijke, rijke middentonen.” Maar, zo zegt Vincent erbij. “Dit is allemaal generaliserend. De realiteit is veel subtieler en uiteindelijk telt je persoonlijke smaak.”

Verrot en onbruikbaar
Voor de top van de bodies gebruikt Vincent zachtere houtsoorten. “Redwood en cipres gaan goed samen met een moeras essen of limba body. Deze houtsoorten hebben de neiging om het uiteindelijke geluid wat zachter af te ronden. Daardoor krijg je een mooi gelaagd en levendig resultaat.” Hardere houtsoorten zoals essen in combinatie met zachter hout geeft juist weer een ander resultaat. “Het een is niet beter dat het ander. Ik vind het fijn als een muzikant kan kiezen wat hij wil.” Voor het maken van fretboards vertrouwt Vincent doorgaans op ebbehout of cocobolo.

Waar een groot deel van een New Orleans Guitar uit gebruikelijke houtsoorten ontstaat, kan bij de bodytop dus gekozen worden voor exclusief cipreshout, vers uit de moerassen rondom New Orleans. Nou ja, vers. “Wanneer ik eenmaal een boom heb gevonden, haal ik hem in delen uit het moeras. Vervolgens laat ik de boel drogen.” En dit kan drie jaar duren. De vochtigheid waaraan de cipres lange tijd is blootgesteld, brengt helaas ook risico’s met zich mee. “Veertig procent van het hout dat ik laat drogen, blijkt verrot en is dus onbruikbaar.” Maar wanneer een stuk cipres de werkplaats van Vincent eenmaal bereikt, is het in goede handen. Minstens vijf dagen per week schuurt, tekent, rekent, schaaft en lakt hij stukken hout tot een gitaar.

Relatie met een instrument
Vanwege de kleine omvang van zijn bedrijf zijn de lijntjes kort. Om het kwartier rinkelt de telefoon en met dealer of klant aan zijn oor, schuurt Vincent verder. Ook de lokale muziekscene weet zijn werkplaats te vinden. Muzikale buurtbewoners wandelen tijdens het uitlaten van de hond even langs voor een praatje en artiesten uit de omgeving laten hun gitaar graag bij Vincent achter voor een opknapbeurt. “Pepper Keenan van Down en Corrosion of Conformity komt af en toe een gitaar langsbrengen”, zegt Vincent.

Ondanks alle gezelligheid en het doorlopend contact met dealers en klanten verliest Vincent zijn eigen visie op een goede gitaar niet uit het oog. “De meeste gitaren zijn doorgaans niet veel meer dan een plank”, zegt Vincent. “Dat kan prima, hoor. Er is immers prachtige muziek op gemaakt. Maar ze zijn ontworpen voor de productie. Het moet allemaal makkelijk te maken zijn.” Vincent zet liever de muzikant op nummer één. “Comfort vind ik erg belangrijk. Een gitaar moet je omarmen als een vrouw die met je wil dansen. Als muzikant bouw je een relatie op met je intrument. Met die visie bouw ik gitaren. Ook al is dat soms lastig.”

Pain in the ass
“Hier, voel dit eens”, zegt Vincent en hij pakt een model dat duidelijk nog ‘under construction’ is. “Ik bouw vaak gitaren voor professionals. Een gitaar moet dus na uren spelen nog steeds goed aanvoelen. Daarom let ik erg op de balans.” En inderdaad, het model dat nu nog niet meer is dan een body en nek, voegt zich naadloos tot het lichaam en voelt prettig in evenwicht.

Om tot een resultaat te komen waarbij de gitaar de gebruiker dient, wringt Vincent zich soms letterlijk in rare bochten. Zo bestaan nek en body bij zowel de VooDoo Custom als de JB14 uit één geheel. “Een pain in the ass om te maken. Body en nek zitten elkaar soms lastig in de weg wanneer ik bijvoorbeeld moet schaven of schuren.” Maar dat moet dan maar. Een body en nek uit één stuk hout, betaalt zich volgens Vincent altijd terug. “De gitaar wordt er ergonomisch beter van, vooral bij het spelen van de hoogtse tonen. En als ik klaar ben met een gitaar, bewegen nek en body niet meer van elkaar. Er hoeft dus niemand meer mee te rotzooien en dat geeft een goed gevoel.”

Vincent levert graag goed werk af en dat is tot in de kleinste hoeken terug te zien. Zowel de volumeknoppen als de elementringen van zijn gitaren zijn van hout en handgemaakt. Vakmanschap tot in detail. Het geeft een Voodoo en JB14, met een toch al forse hals en zware body, iets van een muzikaal meubelstuk dat duidelijk door ambachtelijke handen is gebouwd.

De modder van Katrina
New Orleans is de stad van de blues en de jazz. De stad van Louis Armstrong en Fats Domino. Maar sinds orkaan Katrina in 2005 over de stad raasde, associëren veel mensen New Orleans met de verslagen en weggespoelde stad die ze op het nieuws zagen. Sinds 2005 hangt er een schaduw over de stad en nog steeds, bijna vier jaar na de ramp, staan hele straten leeg.

Ook Vincent kreeg het in augustus 2005 voor zijn kiezen. “Ik had na Katrina ruim een meter water in de werkplaats staan.” Vincent vond zijn machines, mallen en modellen terug onder dezelfde modder waarmee de halve stad was overspoeld. “Ik moest opnieuw beginnen”, zegt Vincent. “Maar dat hoort erbij wanneer je hier wilt wonen. Om de zoveel tijd gebeurt er zoiets. Daar leer je mee leven.”

Nadat de sporen van Katrina uit de werkplaats waren gewist en machines en mallen hun werk weer konden doen, pakte Vincent de draad weer op. En met succes. New Orleans Guitars zag het klantenbestand per jaar toenemen. Vanwege een prijskaartje van minimaal 3000 euro per gitaar moet Vincent het vooral hebben van professionele muzikanten die zeer bewust nadenken over de aanschaf van een instrument. Wanneer ze eenmaal hebben gekozen voor een oerdegelijke New Orleans Guitar, doet mond-op-mond-reclame vaak de rest. En soms heeft hij gewoon geluk. In het kantoortje van de werkplaats, naast een versleten versterker, hangt een foto van Willie Nelson met op zijn knie een tabakskleurikge VooDoo Custom. “Hij is een vriend van een vriend en zodoende heb ik een gitaar voor hem gemaakt. No big deal”, mompelt Vincent bescheiden.

Andere kant van de wereld
In 2008 leverde New Orleans Guitars 48 gitaren af. “Momenteel verkoopt een handjevol dealers in Amerika mijn gitaren. En ik weet dat er ook instrumenten geëxporteerd zijn naar Portugal, Engeland en zelfs Japan.”

Best een raar idee, geeft Vincent toe. Om een instrument waaraan hij zolang met hart en ziel heeft gewerkt, te zien uitvliegen naar de andere kant van de wereld. “Ik zou best eens willen zien wie er op mijn gitaren speelt.”

Naast de VooDoo en de JB14 die NOGC momenteel levert, heeft Vincent plannen om de catalogus uit te breiden. “Ik ben bezig met een akoestische vier-, vijf- en zessnarige bassen. Momenteel werk ik aan de mallen voor deze modellen.” Verder op de agenda van 2009 staat het vernieuwen van de site www.neworleansguitars.com en het uitbreiden van het aantal dealers dat zijn gitaren verkoopt. “Maar wat ik ook doe, de muzikant blijft bij mij op één staan. Daarin doe ik geen consessies.”

Na een dag tussen het zaagsel en de machines zit de werkdag erop. Vincent stapt in zijn gebutste pick-up en steekt een sigaret op. Hoe is de gitaar eigenlijk ooit in zijn leven gekomen? “Ik speel zelf vanaf mijn dertiende gitaar en trad op met bandjes. Ik wilde een rocker worden. Maar ja, we zijn hier in New Orleans”, zegt hij en hij stuurt zijn wagen langs de kenmerkende woningen van French Quarter. “Iedereen speelt hier in bandjes.” Lachend: “En de meeste jongens speelden beter dan ik. Zodoende besloot ik dat ik me beter kon concentreren op het bouwen in plaats van het bespelen van gitaren.” Wat overigens niet betekent dat Vincent niet meer speelt. “Dit is New Orleans, de stad van de muziek. En New Orleans is mijn thuis. Dus ik blijf muziek maken.”

www.neworleansguitar.com (werkt alleen met Internet Explorer)

May 15th, 2010 at 7:21 pm

Posted in

Leave a Reply