René van der Meer / freelance redacteur

Treffende teksten. Print en online.

Een extra bord op tafel

AD Weekend / 2011
Download artikel als pdf


Natuurlijk willen ouders het liefst zelf hun kind opvoeden. Maar dat lukt niet altijd. Vorig jaar werden in Nederland 24.000 pleegkinderen opgevangen, in 13.000 pleeggezinnen.

Het woord pleegzorg valt nooit terloops. Voordat een kind uit huis wordt geplaatst, is met uiteenlopende hulp geprobeerd de problemen in een gezin op te lossen. ,,Maar soms gaat het echt niet langer,’’ weet Ans van de Maat, woordvoerder van Pleegzorg Nederland. Ouders zijn te verslaafd, te gewelddadig, te verward of te ziek om een stabiele gezinssituatie te garanderen. Al dan niet gedwongen valt dan het besluit een kind onder te brengen bij een pleeggezin.

Wat de situatie ook is, één ding staat voor Van de Maat vast: ,,Het is geen onwil, maar onmacht wanneer ouders niet voor hun kind kunnen zorgen.”

Het aantal kinderen dat afhankelijk is van pleegzorg is in Nederland de afgelopen tien jaar verdubbeld. ,,Vroeger gingen kinderen uit probleemgezinnen meestal naar een tehuis of leefgroep,’’ zegt Van de Maat. ,,Daar is sprake van een professionele vorm van opvoeden en dat maakt het voor een kind lastig om een emotionele band met iemand op te bouwen.” Juist die band is belangrijk voor de ontwikkeling van een kind. ,,In een pleeggezin, met alledaagse bezigheden en gelijkwaardig contact tussen gezinsleden, kan zo’n band wel ontstaan.”

Vanuit dit besef heeft Pleegzorg Nederland zich sterk ontwikkeld. Betere opsporing van probleemgezinnen, verbeterde begeleiding van pleeggezinnen en succesvolle publiekscampagnes hebben pleegzorg duidelijker op de kaart gezet. Het aantal pleeggezinnen is daardoor de afgelopen tien jaar gestegen naar ruim 13.000. Vorig jaar werden er 24.000 kinderen opgevangen. Desondanks staan er bijna duizend pleegkinderen op een wachtlijst en is er nog behoefte aan nieuwe pleegouders.

Iedereen boven de 21 jaar kan in principe pleegouder worden. In principe, want voor het zover is, heb je een heel traject doorlopen. Dat begint vaak met het bezoeken van een voorlichtingsavond. Van de Maat: ,,We zijn daarbij reëel over de druk die pleegzorg met zich meebrengt. We willen mensen niet verleiden met een promopraatje.”

Pleegzorg is namelijk meer dan een extra bord op tafel zetten. Van de Maat: ,,Wanneer je als kind niet langer thuis woont, is dat een enorm ingrijpende en negatieve ervaring. Dit maakt pleegkinderen kwetsbaar.” En biologische ouders kunnen de pleegzorg aanvechten, en ook bij een succesvolle plaatsing heb je als pleegouder nooit zekerheid over hoe het komend jaar eruit gaat zien. ,,Daar moet je mee om kunnen gaan.”

En dus wordt iedereen gescreend. ,,We willen weten hoe stabiel je leven is, wat je motiveert pleegouder te worden en hoe je in het verleden bent gevormd door negatieve en positieve ervaringen,’’ zegt Van de Maat. Een intensief onderzoek om wederzijds teleurstellingen te voorkomen.

Na het bericht in aanmerking te komen, begint het wachten op een kind dat aansluit bij een aangegeven voorkeur. Een jongen of een meisje. Peuter of puber. Langdurig, tijdelijk, deeltijd of crisisopvang. Zulke wensen invullen op een lijstje kan vreemd overkomen, maar vergroot de kans op een goede match.

Pleegouders krijgen voorafgaand en tijdens de periode dat er een pleegkind is begeleiding. Voor de biologische ouders wordt gekeken wat er nodig is om hun situatie te verbeteren en hoe zij hun rol als ouder, ook wanneer ze geen opvoeder zijn, kunnen blijven vervullen. Duidelijke afspraken over de rolverdeling tussen pleegouders en biologische ouders moeten conflicten voorkomen. Van de Maat: ,,We verliezen de biologische ouders nooit uit het oog. Uiteindelijk zijn zij de belangrijkste schakel.” Hoe problematisch een thuissituatie ook is, in principe blijft pleegzorg bedoeld als tijdelijke opvang. ,,We blijven proberen om de thuissituatie zo te verbeteren dat een pleegkind weer naar zijn ouders kan.” Ook als dit jaren duurt.

Al die tijd zorgt Pleegzorg Nederland ervoor dat er een lijntje blijft bestaan tussen een pleegkind en de biologische ouders. ,,Soms blijft het bij een bezoekuurtje of een verjaardagskaart. Soms willen kinderen hun ouders niet zien,” zegt Van de Maat. ,,Maar wij verbreken het contact nooit. De band tussen ouders en kind is onverbrekelijk en onvervangbaar.” Ook niet door pleegouders.

|| MOEDER:

‘Ik kon ze niet genoeg liefde bieden, dus heb ik mijn zoontjes afgestaan’

Ilona Spanjaard (25) had één duidelijke eis die ze aan Pleegzorg stelde: ‘Ik wil dat mijn kind opgroeit in één gezin, zodat het zich daar kan hechten.

’Soms wint haar gevoel het van haar verstand. Dan voelt ze zich verdrietig en zou ze haar zoontjes het liefst terughalen. ,,Maar dan denk ik aan de onrust die ik in mijn jeugd heb meegemaakt. En dat ik mijn zoontjes die wil besparen,” zegt Ilona. ,,Die gedachte helpt me te beseffen dat ze nu beter af zijn.”

Het lukt Ilona namelijk niet de rust en de liefde te bieden die voor een kind zo belangrijk zijn. ,,Mijn vader is alcoholist, mijn moeder vindt het moeilijk om met emoties om te gaan. Ze konden mij niet verzorgen en ik ben daarom opgevoed in pleeggezinnen en tehuizen.” Een zware periode waarin Ilona veel verhuisde. ,,Ik had het idee dat niemand van me hield.”

Omdat Ilona als kind weinig liefde heeft gekend, weet ze niet goed hoe ze die als moeder moet geven. ,,Een arm om je kind slaan, is voor mij niet vanzelfsprekend. Ik voel zoiets niet goed aan.” En wat als een baby veel huilt? ,,Ik kan me voorstellen dat ik me geen raad weet en
het laat huilen,” zegt ze in alle eerlijkheid.

Toch werd Ilona vijf jaar geleden zwanger. In goed overleg met Bureau Jeugdzorg, waarmee ze vanaf haar eigen jeugd contact heeft, werd besloten dat Ilona haar kind zou onderbrengen in een pleeggezin. ,,Natuurlijk wilde ik eigenlijk zelf voor mijn zoontje zorgen. Juist omdat ik weet hoe het voelt om je ouders te missen.”

Maar uiteindelijk beseft Ilona dat ze als moeder tekort zal schieten. En vanwege eigen problemen, lukt het de vader ook niet de opvoeding op zich te nemen.

Ilona koos voor pleegzorg en had één duidelijk eis: ,,Ik wil dat mijn kind opgroeit in één gezin, zodat het zich daar kan hechten.” Twee weken na de bevalling had ze een eerste kennismaking met de potentiële pleegouders. ,,Ik was nogal gereserveerd, ik had het gevoel dat ze iets kwamen afpakken.”

Dat gevoel maakte snel plaats voor het vertrouwen dat het voor haar zoontje beter zou zijn om in een pleeggezin te wonen. ,,Hoeveel pijn dat ook deed.”

Vanaf de dag dat de pleegouders de opvoeding overnamen, maakten ze Ilona duidelijk dat ze altijd welkom is. ,,En dat is zo enorm belangrijk. Ik voel me als moeder gerespecteerd. Daardoor is er geen strijd.” Via mailtjes, foto’s en telefoontjes betrekken ze Ilona bij de ontwikkeling van haar zoontje. ,,Zo kreeg ik een berichtje toen hij volledig zindelijk was. Zulke dingen zijn voor mij ontzettend waardevol.”

In haar eigen jeugd zag Ilona hoe schadelijk de strijd tussen pleegouders en biologische ouders kan zijn. ,,Mijn moeder voelde zich miskend. Wanneer ze op bezoek kwam bij mijn pleegouders, nam ze die woede mee. Dat maakte het voor mij moeilijk om me aan iemand te binden. Ik stond tussen twee vuren.”

Drie jaar geleden beviel Ilona van een tweede zoontje, waarvoor eveneens een pleeggezin moest worden gezocht. In het gezin waar zijn oudere broer woont, was helaas geen plek. ,,Maar er zijn andere pleegouders gevonden die mij op dezelfde respectvolle manier bij hem betrekken.”

Ilona bezoekt haar zoontjes maandelijks en ziet ze dan ongeveer anderhalf uur. ,,Ik kom toch uit jouw buik?,’’ vroeg haar oudste onlangs tijdens zo’n bezoekje. Nadat Ilona hem had uitgelegd dat dit inderdaad zo was, antwoordde hij vrolijk: ‘Dan ben jij ook mijn mamma.’ Ilona: ,,Toen wist ik dat het goed zat.”

|| PLEEGMOEDER:

‘Het is zo mooi om te zien dat een kind weer richting in het leven krijgt’

Leni Roose (62) voedde samen met haar man elf pleegkinderen op. Momenteel is ze pleegmoeder voor Berend Jan (17).

,,Een wees, een meisje met psychische problemen, een meisje uit een zeer complexe familie en een puber met een gewelddadige vader,” somt Leni moeiteloos de tieners op die zij enkele jaren geleden in huis had. Met haar eigen vier kinderen meegerekend, voedde ze niet minder dan vijftien kinderen op. ,,Vooral op vakanties zag je mensen puzzelen. Mijn man en ik waren al bijna 60 toen we met die vier pleegtieners naar de camping gingen. Leg dat maar eens uit aan de andere mensen op het veld.’’

Leni wilde graag een groot gezin en na haar eigen kinderen besloot ze met haar man ruimte te maken voor een eerste pleegkind. De kwetsbaarheid van een kind raakt haar. Leni: ,,Wanneer ik zie dat een pleegkind tot rust komt en weer richting in het leven krijgt, weet ik precies waarvoor ik het doe.” Zoals het meisje dat maar een paar dagen zou blijven voordat ze naar een psychiatrische inrichting zou verhuizen. ,,Ze bleef langer en door veel naar haar te luisteren is ze bij óns opgeknapt tot een gezonde meid.”

Of neem Berend Jan, een jongen van 17 die na het overlijden van zijn ouders terug is gekomen bij Leni, waar hij als kleine jongen al een tijdje had gewoond. ,,Je had hem twee jaar ge leden moeten zien, hij kon enorm agressief zijn. Nu doet hij een opleiding Zorg & Welzijn.” Berend Jan hoort het stilletjes aan. ,,Ik vind het heel speciaal wanneer mensen pleegouder worden, zoals Leni. Ze hoeft het niet te doen, maar doet het toch,” zegt hij vanonder zijn pet.

Met duidelijke regels en veel geduld lukt het Leni de meest uiteenlopende pleegkinderen stabiel op te voeden. ,,We doen de dingen hier bewuster. De vanzelfsprekendheid waarmee je je eigen kinderen aanvoelt, ontbreekt bij pleegkinderen, simpelweg omdat je niet dezelfde genen deelt.” Dat kan voor strubbelingen zorgen. ,,Waar mijn eigen dochter vanuit wederkerigheid de afwas doet zoals ik soms iets voor haar doe, ziet mijn pleegdochter dat als manipulatie.”

Voor ieder kind kiest Leni de juiste aanpak. ,,De een heeft vrijheid nodig, de ander wil duidelijke regels. Berend Jan verzorgde zichzelf soms slecht. Dan maakten we de regel dat hij alleen zakgeld kreeg als hij zich had geschoren.”

Het onvermijdelijke afscheid valt Leni zwaar. ,,Dan komen de tranen en ben ik in de rouw. Voor ieder pleegkind dat ons gezin verlaat, maak ik een afscheidsboek. Daarin plak ik foto’s, briefjes, en andere herinneringen. Het helpt me bij het verwerken van mijn emoties.”

Sommige oud-pleegkinderen ziet Leni nog wekelijks. Ze komen eten of op de koffie. Bij anderen blijft het bij een mail of kaartje. ,,Het is afhankelijk van de situatie waarin een kind zit. Ík kan het wel leuk vinden om contact te houden, maar soms heeft een kind ruimte nodig.” Ondanks de soms schrijnende omstandigheden van waaruit pleegkinderen kunnen komen, heeft Leni altijd begrip voor de biologische ouders. ,,Ik heb nog nooit ouders ontmoet die niet van hun kind houden. Nooit.” Twintig jaar pleegzorg hebben haar juist milder in plaats van cynischer gemaakt. ,,We zijn allemaal mensen.’’

|| PLEEGOUDERS:

Na vijf maanden valt het besluit: David kan bij zijn broertje komen wonen

Ingeborg (41) en Mike van Kuik (38) zijn sinds anderhalf jaar pleegouders.

Daar zaten ze dan in de tuin op een zomermiddag in 2008. Twee weken nadat ze hadden gehoord dat ze geschikt werden bevonden voor pleegzorg, keken Ingeborg en Mike in de vragende ogen van hun pleegzoontje. ,,We wisten dat het snel kon gaan, maar dit was even wennen,” zegt Mike.

Wanneer Ingeborg en Mike ontdekken dat ze geen kinderen kunnen krijgen, besluiten ze zich aan te melden voor langdurige pleegzorg. Ze voeren gesprekken, volgen een voorbereidingscursus en krijgen huiswerk mee. Zo moeten ze voor een ‘papieren kind’ zorgen, om te leren welke invloed een kind op hun leven heeft. Ingeborg, lachend: ,,Dan belde ik Mike vanuit mijn werk om te vragen of onze fictieve dochter al sliep.”

Kort na de cursus krijgen zij goed nieuws: ze zijn geschikt bevonden. ,,En diezelfde week belde de pleegzorginstelling,’’ zegt Ingeborg. In afwachting van een uitspraak van de rechter, zochten ze een tijdelijk huis voor een jongetje van 2,5 jaar. Hoelang hij kon blijven, was niet te zeggen. ,,Dat gebeurde allemaal in alle openheid. We voelden ons nergens toe verplicht,’’ zegt Ingeborg. Maar ze raakten er wel zo bij betrokken dat ze geen afstand meer wilden nemen. Mike: ,,We besloten Oliver in huis te nemen.”

Bang en teruggetrokken. Zo kwam Oliver in de eerste weken over. ,,Hij speelde op zijn hurken, zodat hij snel kon vluchten. Dat was hij gewend,” herinnert Ingeborg zich. Na de uitspraak van de rechter wordt duidelijk dat Oliver het komend jaar niet terug kan naar zijn ouders en zolang bij zijn pleegouders kan blijven.

Al die tijd bestond er de mogelijkheid dat zijn broertje David ook bij Ingeborg en Mike kwam wonen. Totdat daar duidelijkheid over is, zien de broertjes elkaar regelmatig via een bezoekregeling. Na vijf maanden wachten valt het besluit: ook David kan bij Ingeborg en Mike komen wonen. Ingeborg: ,,We hebben met Oliver afgeteld op de kalender en hem laten meehelpen met het inrichten van Davids kamer. Hij voelde zich echt de oude broer.” Mike: ,,Nu groeien ze samen op. Die basis pakt niemand ze meer af.”

Sommige dingen blijven lastig, zoals het contact met de biologische ouders. Mike: ,,In het begin was het ongemakkelijk om over hun kinderen te praten. Inmiddels is de band verbeterd en weten we dat beide ouders enorm blij zijn dat wij voor hun zoontjes zorgen.”

Hoelang ze dat kunnen blijven doen, is niet met zekerheid te zeggen. Wanneer de biologische ouders hun leven weer op de rit krijgen, is er geen reden hun kinderen langer in een pleeggezin onder te brengen. ,,Natuurlijk is dat dubbel,’’ geeft Ingeborg toe. ,,Ik wil David en Oliver niet kwijt, maar gun ze ook het beste. En uiteindelijk is dat een stabiele thuissituatie.”

Om privacyredenen zijn de namen van Oliver en David gefingeerd.

||PLEEGDOCHTER:

‘Ik ben niet zielig. Mijn verleden heeft me sterker gemaakt.’

Samantha Hendriks (24) woonde drie jaar bij een pleegmoeder en is inmiddels zelf moeder van een zoontje van 4.

Samantha is 7 wanneer bij haar moeder schizofrenie wordt geconstateerd. Haar ouders zijn gescheiden en Samantha’s vader zegt de zorg voor zijn dochter niet op zich te kunnen nemen. ,,Ik moest weg bij mijn moeder, heb toen even bij mijn oom en tante gewoond en ben daarna opgevangen in een kinderhuis.”

Hier raakte Samantha bevriend met een meisje dat kort daarna verhuisde naar een pleegmoeder. ,,Ik kwam daar op bezoek en merkte hoe fijn ik het er vond. Het voelde veel vrijer.” Ze ging steeds vaker langs en uiteindelijk werd besloten dat ze bij haar vriendin en haar pleegmoeder kon wonen. Na drie jaar professionele opvoeding, neemt Samantha afscheid van het kinderhuis. ,,Weg van het grote tehuis waar ik vaak moest vertellen wat en waarom ik iets deed. Naar een gewoon gezin met ruimte voor mijn eigen dingen. Ik reed paard, had een vriendje en deed de mavo. Een fijne tijd.”

Helaas hebben de gebeurtenissen rondom haar moeder sporen bij Samantha achtergelaten. Ze geeft zichzelf de schuld van de problemen en is vaak kwaad. Dit uit zich in zulk onhandelbaar gedrag dat ze niet langer in het pleeggezin kan wonen. ,,Heel jammer, maar het kon op dat moment niet anders.” Ze woont vervolgens in een observatiegroep en een leefgroep voor meiden, waarna ze via een kamertraining voor zichzelf leert zorgen en op kamers gaat.

Mensen reageren soms verbaasd als ze horen wat zij allemaal heeft meegemaakt. ,,Maar ik ben niet zielig. Mijn verleden heeft me sterker gemaakt. Zo heb ik een goede mensenkennis en veel inlevingsvermogen.” Dat komt mooi van pas bij de opleiding Maatschappelijk Werk die ze momenteel volgt.

Inmiddels is Samantha moeder van een zoontje van 4 en woont ze vijf jaar op dezelfde plek. Lachend: ,,Een record voor mij. Ik wil mijn zoontje de structuur bieden die ik heb moeten missen.” Ze heeft geen contact meer met haar pleegmoeder. ,,We wonen in andere plaatsen. Maar als ik haar tegen zou komen, geef ik haar een knuffel, hoor!” Haar eigen moeder ziet ze bijna wekelijks. ,,Ze voelt zich schuldig om alles wat er is gebeurd. Maar ik verwijt haar niks. Ze kon er niks aan doen.”

Meer info: Pleegzorg Nederland

July 24th, 2011 at 2:03 pm

Posted in

55 Responses to 'Een extra bord op tafel'

Subscribe to comments with RSS or TrackBack to 'Een extra bord op tafel'.

  1. .

    áëàãîäàðñòâóþ!…

    wendell

    9 Feb 15 at 9:33 pm

  2. .

    ñïàñèáî!…

    Joey

    9 Feb 15 at 10:04 pm

  3. .

    áëàãîäàðñòâóþ….

    Howard

    10 Feb 15 at 6:06 am

  4. .

    ñïñ!!…

    fredrick

    10 Feb 15 at 6:43 am

  5. .

    thanks for information!…

    dennis

    10 Feb 15 at 7:19 am

Leave a Reply